Lucratief belang 2017-11-25T17:55:55+00:00

lucratief belangaandelen

Belastbaar resultaat uit lucratief belangaandelen

Sinds 2009 worden (aandelen)belangen, die mede zijn verworven door het verrichten van werkzaamheden en die een zogenoemd lucratief belang vormen, progressief belast in de inkomstenbelasting (box 1). Een lucratief belang kan ontstaan bij de uitgifte van meerdere soorten aandelen. Zowel werknemers als bestuurders dienen in acht te nemen dat de aandelen van het bedrijf waarbij zijn in dienst zijn een lucratief belang kunnen vormen. Het gevolg is dat het resultaat progressief worden belast tegen maximaal 52%. Een significant verschil met de box 3 heffing!

Lucratief belang

Van een lucratief belang is in het algemeen sprake bij direct of indirect gehouden vermogensrechten waarmee rendementen kunnen worden behaald die voor reguliere beleggers onbereikbaar zijn. Hiervan kan sprake zijn als een bedrijf meerdere soorten aandelen heeft uitgegeven en een soort meer recht heeft op winst dat de ander. Zo kan er door achterstelling op preferente aandelen een hefboom ontstaan indien de achtergestelde aandelen een relatief klein deel van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen. Voor een lucratief belang door middel van achterstelling ten opzichte van preferente aandelen dient het achtergestelde soort minder dan 10% van het geplaatste aandelenkapitaal te vertegenwoordigen.

Daarnaast is het ook mogelijk dat de preferente aandelen zelf het lucratief belang vormen. Dit is het geval indien sprake is van meerdere soorten aandelen en de preferente aandelen recht geven op een dividend van jaarlijks ten minste 15%.

Belasting op lucratief belang

Indien sprake is van een lucratief belang bij wijze van achterstelling dan wel preferentie, wordt het resultaat belast in box 1. Dit geldt overigens alleen voor positieve resultaten, waardoor verliezen niet kunnen leiden tot verliesverrekening of teruggaaf. Uitgekeerde winsten en vermogenswinsten op lucratief belangaandelen voor zover die meer bedragen dan de verkrijgingsprijs worden derhalve tegen maximaal 52% belast. Indien het aanmerkelijk

Lucratief belang aanmerkelijk belang

In geval een lucratief belang wordt gehouden door een lichaam waarin een aanmerkelijk belang wordt gehouden (middellijk lucratief belang) dan geldt bovenstaande evenzeer. Het is namelijk niet vereist dat de middellijk houder van het lucratief belang het resultaat daadwerkelijk ontvangt. Zo zal een winstuitkering door het lucratief belang aan het aanmerkelijk belang bij de aanmerkelijk belang houder direct als resultaat aangemerkt worden.

Onder voorwaarden is het echter wel mogelijk om ervoor te kiezen de lucratief belang heffing achterewege te laten. Vereist is dat het lucratief belang wordt gehouden via een aanmerkelijk belang en het aanmerkelijk belang lichaam het resultaat uit het lucratief belang voor ten minst 95% uitkeert. Zodoende wordt het resultaat uit het lucratief belang belast tegen het box 2 tarief van 25% in plaats van maximaal 52%. Het is dan ook aan te bevelen een lucratief belang te houden via bijvoorbeeld een BV waarin een aanmerkelijk belang gehouden wordt. Daarbij is het noodzakelijk dat de BV in staat moet zijn ten minste 95% van de ontvangen gelden uit het lucratief belang uit te delen. Het is derhalve raadzaam aandacht te besteden aan de financiering van het aanmerkelijk belang bijvoorbeeld bij de verkrijging van het lucratief belang.

Afsluitend

Gezien het verschil in fiscale behandeling van aandelen en aandelen die worden aangemerkt als lucratief belang is het van belang te bepalen of en onder welke omstandigheden een lucratief belang te voorkomen is en hoe dit het best te realiseren in de betreffende situatie. Daarnaast kan het aan te raden zijn een BV op te richten om een lucratief belang te houden. Daarbij is het van belang duidelijk te hebben waaraan de BV dient te (blijven) voldoen.

In praktijk merken wij dat de Belastingdienst snel geneigd is een aandelenbelang aan te merken als lucratief belang, waarbij een beroep wordt gedaan op een zogenaamd vangnetbepaling. Het is goed mogelijk dat de vangnetbepaling te ruim wordt geïnterpreteerd waardoor het is aan te raden dit standpunt te betwisten.

Neemt u voor meer informatie vrijblijvend contact met ons op via het contactformulier of bel 085 00 30140.